IMG_6236-660x943
0

Tim&Paul&Publieke Werken

Waarom Publieke Werken, naar het boek van Thomas Roosenboom, de beste a-historische historische film is.

Het korte antwoord op het vraagstuk Waarom Publieke Werken, naar het boek van Thomas Roosenboom de beste a-historische historische film is, is kinderlijk eenvoudig: vijftig procent van dit auteursgilde werkte namelijk mee aan een marginaal deel van de megaproductie. Waarvan akte. Maar de onderstaande lange versie is wat leuker:

Dat Geschiedenis door de productie serieus werd genomen bleek uit de woorden van regisseur Joram Lürsen. Tijdens een lezing op IJburg vertelde hij dat hij veranderingen moest maken met geschiedenis, maar hij wel wilde weten wélke veranderingen dat zijn.

Met een drietal voorbeelden kunnen we laten zien hoe ver dit gaat:

Centraal Station

Aan de gevel van het Centraal Station hing geen bord zoals dat nu het wel het geval is. Aan de kopsekant hing er in simpele belettering ‘Amsterdam’. Het spreekt voor zich dat de trein was aangekomen op Amsterdam CS, omdat het verreweg het grootste station van Nederland was.

Publieke Werken
Kedeng-Kedeng. Er was hier nog geen sprake van historisch incorrecte tunnels.

 

Stoomheimachines

Welke heimachines er werden gebruikt tijdens de bouw van het station. Dit waren uiteraard machines van het immer betrouwbare Lacour. Een citaat uit het tijdschrift De Natuur, van 1885:

De stoomheistelling van Lacour is in ons land het eerst gebruikt bij den onderbouw van het Fort op de Harssens te Nieuwediep; om de gunstige uitkomsten, daar verkregen, besloten de aannemers van den onderbouw van het Centraal Station te Amsterdam, de HH. W. Goedkoop Dz. en M. Deutekom, deze stoomhei ook bij dit werk in toepassing te brengen. Met vier zoodanige stoomheien, vervaardigd door de Gebr. Figee te Haarlem, werden daar in korten tijd 9000 palen van 16 tot 18 meter lengte geheid.     Het thans bijna voltooide gebouw zelf rust op 8687 palen.     Bij elke stelling woog het blok 1250 kilogram en bedroeg de lengte van den slag 1,8 meter. Gemiddeld werden met elke stelling 25 palen per dag geheid, zoodat het geheele werk eenige maanden binnen den gestetlden tijd was afgeloopen.

Straatverlichting

En als klap op de vuurpijl, iets wat we nog elke dag ziet als je door het oude centrum loopt, de straatverlichting.

In de negentiende eeuw kregen de grote Europese steden gasverlichting: Londen, Parijs, Berlijn en iets later ook Amsterdam. De eerste Amsterdamse gaslantaarn werd door Koning Willem I aangestoken. In 1886 werd de gloeikous uitgevonden, dat zorgde voor een revolutie in de straatverlichting (tot het implementeren van elektriciteit), maar dit werd pas gebruikt vanaf 1898.

De lantaarns waren aan één stuk aangesloten op het gas, per straat. Ze moesten wel één voor één worden aangestoken. Dit werd gedaan door  ‘lantaarnopstekers’. Deze aanstekers werden ook verantwoordelijk voor het onderhoud van de lantaarns. Om het gas aan te steken hadden ze een lange stok waar bovenin een vlammetje brandde. Ook hadden ze ladders waar ze op konden klimmen. Dat ging dus in ieder geval tot 1898 met een open vlam. Ooit afgevraagd waarom de lantaarns twee van die staafjes aan de zijkant hebben? Waarschijnlijk niet, maar dat is om de ladder op te laten rusten.

Vanaf 1883 verving de stad haar achthoekige lantaarns naar ronde, met daarop de bekende ‘kroonlantaarns’, ze zien er mooi uit, maar het licht was erbarmelijk. Ze werden dan ook vrij snel vervangen door Ritter-lantaarns (vanaf 1898). De brander werd gemaakt door het Engelse bedrijf Sugg, dat al verantwoordelijk was geweest voor de verlichting in Londen.

Na de komst van het gloeikousje kregen de straatlantaarns een waakvlammetje dat via een hoofdkraan kon worden ontstoken. Deze kraan ging open en dicht via een kettinkje. De lantaarnopstekers kregen voortaan een stok met een haak waarmee ze het kettinkje konden bedienen. De lampenkop was een gemaakt van steatiet (zeepsteen), en zat op een ‘regulateur’. Via deze regulateur kon de gastoevoer worden gecontroleerd. Door aan een ring te draaien werd de toevoer open gezet.

Publieke Werken Regulator

Op de rechterafbeelding staat de regulateur die voor Amsterdam werd gebruikt rechtsonder (1881). Op links staat de  lamp die Made specially for Amsterdam was halverwege.

 Lantaarnopsteker was niet altijd een veilig beroep; de heren werden regelmatig aangereden door koetsen of aangevallen door dronken inwoners die dachten dat het gas gevaarlijk was. De regulateuren werkten ook niet altijd goed – in tegenstelling tot de latere Regulators tijdens de vroege jaren ’90. 

Dit zijn natuurlijk slechts een aantal kleine voorbeelden van het detail dat in het onderzoek is gaan zitten. Maar je kunt nooit alles goed doen. We schetsen even een dilemma: Ergens tegen het einde van Publieke Werken vertrekt er een schip naar de Verenigde Staten. De schepen die uit Amsterdam vertrokken waren eigendom van de N.A.S.M, met een kek groen vlaggetje (nog steeds te zien op het dak van Hotel Amrâth). Deze schepen vertrokken vanaf het Stenen Hoofd. Tegenwoordig een verlaten stukje waar in de zomer een openluchtbioscoop is, maar anno 1900 moet het een drukte van jewelste zijn geweest. In het boek vertrekken de schepen áchter Centraal Station. En dat kan niet. Dilemma voor de regisseur: blijf je getrouw aan geschiedenis, of juist aan het boek? We verklappen niet wat de oplossing is.

Publieke Werken blijft echter een film gebaseerd op fictie. Hoe goed het onderzoekswerk van Thomas Roosenboom en later Joram Lürsen ook was, het blijft een invulling van het verleden met daarin verzonnen elementen. Wat dat betreft staat Publieke Werken dan ook los van historische kritiek. Waarbij Tim&Paul op dit blog fors durven uit te halen naar geschiedsdwalingen in film  zoals Nova Zembla en Michiel de Ruijter zijn we nu tamelijk mild. Als het stoomschip niet naar New York blijkt te varen maar naar Isla Nublar, alwaar de hoofdpersonen opgetjapt worden door velociraptors zou dat wat Tim&Paul betreft ook prima zijn.

 

Publieke Werken
‘Sup?

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *